Klootschieten
Katzwaaien, gansmeppen, konijndraaien, guinees biggetjewerpen, klootschieten. Ik heb de neiging ze volkssporten te noemen, maar de definitie van volkssport luidt: ‘in brede lagen van het volk beoefende sport (zoals vissen, voetballen)'. Die definitie lijkt me niet op te gaan voor klootschieten. Bovendien is het flauw: er is een Nederlandse klootschietersbond (de NKB) en onder auspiciën van de IBA, de International Bowl-playing Assiciation, worden Europese kampioenschappen gehouden. Andere landen waar klootschieten wordt beoefend zijn Polen, Italië, Duitsland en Ierland. Die IBA moet trouwens niet verward worden met de sport bowls, hoewel die natuurlijk ook met kloten gespeeld wordt.
Voor 1500 was het klootschieten enorm populair, een echte volkssport dus, daarna ging het iets minder. Op de website van de NKB (Nederlandse Klootschietersbond) staat een raadselachtige mededeling: "Bij het begin van de gouden eeuw (±1500) raakte het klootschieten echter volkomen in onbruik". Nu heb ik altijd geleerd dat de 17e eeuw (of laten we zeggen: 1585 tot 1670) onze Gouden Eeuw was, maar iets verderop wordt over Calvijn gesproken, dus het jaartal 1500 klopt aardig, de aanduiding Gouden Eeuw niet. Hoe dan ook: vanaf dat moment werden de beoefenaars van de sport klootjesvolk genoemd, met als gevolg dat de kloot in de kast bleef. Want ja, iets zijn is één, maar iets genoemd worden? Nee, dank u. Momenteel is de sport, vooral in Twente en de Achterhoek, en zoals we hierboven zagen ook internationaal, weer flink in opkomst.
Goed, de kloot. Middel-Nederlands: cloot, ‘klomp, kluit, bol, bal, kogel'. Cloot en kluit zijn hetzelfde woord. Aardkloot is een ouderwetse, poëtische aanduiding voor de planeet waarop wij wonen. Pas later kreeg het woord een genitale lading. Testis (meervoud: testes)? Testikels? Wat een rare woorden, en teelballen, dat geeft associaties met stieren en beren (mannetjesvarkens). In de balzak zitten gewoon twee ballen, en een ander woord voor bal was kloot, dus in een balzak zitten kloten. Testis en testikel, trouwens, hebben te maken met het woord testament, op basis van het Latijnse testis ‘getuige'. Etymologisch zit dat nogal verwarrend in elkaar, één populaire verklaring (in de Angelsaksische etymologie) is dat mannen voeger zwoeren op hun manzijn, met andere woorden: één hand in de lucht, de andere stevig om de balzak.
Bij schieten denken we aan geweren, revolvers en pistolen, maar het schieten in klootschieten heeft de betekenis ‘snel (doen) bewegen', de oudste betekenis in de Van Dale (voor de mensen die dat nog niet wisten, en het handig vinden om wèl te weten: de betekenisomschrijvingen in de dikke Van Dale worden in chronologische volgorde weergegeven, de oudste betekenis onder nummer 1. enzovoort). Tot slot nog een tweetal citaten uit de reglementen van de NKB, om even over na te denken en zo uw eigen gedachten bij te hebben:
2.10.2 Identificatie van de kloot
De verantwoordelijkheid voor het spelen van de juiste kloot berust bij de speler. Elke speler behoort zijn kloot te kunnen identificeren. Een speler mag een kloot waarvan hij denkt dat het zijn kloot is, opnemen voor identificatie en deze schoonmaken voor zover als nodig is voor identificatie.
2.11.2 Het schot
[...] Indien een kloot tijdens een schot uit elkaar springt, moet er worden overgeschoten.
De Sportwereld nr. 33 - mei 2004 Gerbrand Bakker
